maandag 25 mei 2026

TINE ZIET (526): Pensioenstralend

Woensdag ging ik na de traditionele toonmomenten van de leerlingen in Moorsele naar OC ’t Klokhuis in Beveren-Leie alwaar mijn oud-leerkracht woord verrast werd door al haar oud-afgestudeerden, omdat ze straks op pensioen gaat. Ik kwam er later aan, maar blijkbaar waren er meer dan zestig aanwezigen die net als ik onder haar vleugels zaten. Dat lijkt voor mensen die het vak niet kennen misschien wat banaal. Maar als je bedenkt dat je meestal tien jaar les volgt bij iemand voor je afstudeert in dat vak dan weet je dat het niet zo voor de hand liggend is om daadwerkelijk die finish samen te bereiken. Zeker de laatste jaren niet. Velen haken af na zeven jaar. Want dat is toch meer dan genoeg? Maar het fijnste zit nét in dat staartje van het traject.

Zelf ervaar ik het ook als iets bijzonders als leerlingen die je ooit als klein kind in je klas had de eindmeet ziet halen. Je leert ze kennen als negenjarige en wuift ze uit als ze achttien zijn. Wat zit daar allemaal niet tussen? In het vak dat wij geven, begeleid je hen niet alleen met spreken en spelen, maar ook in het leven.

Zo kweekte ik bij haar naast mijn liefde voor poëzie vooral ook zelfvertrouwen en durf. Het besef dat ik grappig kon zijn.  Ik ontdekte er mijn talent. Door haar koos ik voor hetzelfde werk. Het was dus best een fijn feestje daar. Al die verschillende generaties samen. Met als gemeenschappelijke factor dat zij ons kon doen blinken tot ver naast de planken. Het bleek besmettelijk: hoe zij op enkele weken van haar pensioen van oor tot oor straalde!

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 21/05/26) 

maandag 18 mei 2026

TINE ZIET (525): Schuldboeket

Zondag voelde ik me schuldig omdat ik na het kopen van een rijkelijk gevulde bloempot voor op het terras van mijn moeder terug in de rij voor de kassa van de bloemenwinkel ging staan voor een boeket voor mezelf. Ik koop wel vaker een tulpenboeket voor mezelf in het warenhuis. Zelden koop ik een écht boeket voor mezelf en ik vond dat ik ondanks het feit dat ik geen moeder ben een boeket verdiend had. Eerder had mijn moeder aan de telefoon gezegd dat ik dit jaar onder geen beding een boeket voor haar mocht kopen omdat ze het jammer vindt dat de bloemen niet blijven. Toen de vrouw in de winkel de ruiker feestelijk wou inpakken, zei ik dat het niet nodig was. Dat ze maar voor mezelf waren. Ze wikkelde er dan maar een gewone folie om ter bescherming.

Waarom ik me schuldig voelde? Niet omdat ik geen moeder ben. Maar wel omdat ik bloemen, helpende handen en tijd die speciaal voor moeders waren bestemd ingenomen heb. Onzin eigenlijk. Ik betaal er gewoon de prijs voor.

Dat ingebakken schuldgevoel. Wat moet ik daar toch mee? Kon ik dat maar laten inpakken met een mooie strik en achterlaten bij een voordeur of verzenden met de post. Zelf ben ik er bitter weinig mee. Ongetwijfeld maak ik er iemand rijker mee.

Mijn moeder was overigens blij met haar kleurige bloempot. Ze zei: “Ah! Die gaan tenminste nog een zomer mee!”  De ruiker op mijn eigen tafel zal op het moment dat dit stukje verschijnt wat minder fleurig zijn, dat is een feit. Tegen dan is het schuldgevoel dat ik ervoer, verwelkt. Geen nood: er is de zekerheid van nieuwe bloemen.



maandag 11 mei 2026

TINE ZIET (524): Gevelgeluk


 Elke lente word ik ermee geconfronteerd: ik moet mijn stoep meer onderhouden. Anders zou ik wel eens een GAS-boete kunnen krijgen. Ik merk in de loop van de jaren toch zeker een mildere toon in de jaarlijkse verwittiging die in de brievenbus steekt.  Maar omdat ik betreffende dat onderwerp enkele jaren geleden een open brief schreef naar het stadsbestuur, die ook de lokale pers en de gemeenteraad haalde, heb ik de indruk dat er extra aandacht is voor de begroeiing voor mijn voorgevel. Tine Moniek, dé patroonheilige van menig stevig begroeide voorgevels….

Dit weekend vond ik de moed. Ik moet het bekennen: ik doe dat echt niet graag. Open en bloot met mesje in de hand gebukt voor elke voorbijganger staan. In feit is de klus zo geklaard. Zeker na een regenbuitje. Toch voelt het als een soort lijfstraf. Dat ik het weer zover liet komen zeg!

Sinds ik in de Gen. Lemanstraat woon, krijg ik trouwens jaarlijks gratis en voor niets campanula’s cadeau. Elk jaar komen ze gratis en voor niets tevoorschijn via de voeg tegen mijn voorgevel. Twee jaar geleden trok ik ze er nog uit, omdat ik bang was voor een bekeuring. Vorig jaar verwijderde mijn buurman ze omdat hij zo aardig was om mijn stoep in een vlijtige bui mee te wieden met een hogedrukreiniger. Dit jaar laat ik ze koppig staan.  Hopelijk hij ook. Ik heb dan wel geen officieel geveltuintje, ik heb wel spontaan gevelgeluk. Gelieve dat geluk niet zomaar van me weg te plukken of erger nog: als hardnekkig onkruid uit de voeg te rukken! Campanula’s zijn gewoon officieel erkende bloemen!

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 07/05/26) 


maandag 4 mei 2026

TINE ZIET (523): Vlinderseizoen

Tijdens een rouwgesprek met een familie, bekende de kleindochter haar overleden grootvader in een vlinder te herkennen. Ze deed dat met enige schroom. Alsof ze mij bekende in spoken te geloven. Ik stelde haar gerust. Mijn vader heb ik lang in een duif herkend. Een vriendin vertelde me dat ze haar moeder ook in een specifieke duif in de tuin herkende. Een collega vertelde hoe ze in een eekhoorntje of een roodborstje de groet van een overledene ziet. Een vriendin ziet een groet van haar overleden echtgenoot in een dubbele regenboog. Nog iemand ziet in zonlicht herkenning. Of in een bloem. Naast het feit dat het een mooi symbool is om iemand die we missen te blijven zien in natuurlijke fenomenen, biedt het ons ook troost op ons levenspad.

Nu we weer in de tuin gaan zitten, al is dat in de avond nog met een fleece-dekentje om ons heen, is het vlinderseizoen weer geopend. Dit weekend voor het eerst weer samen met de vrienden en wat wijn. De eerste spin werd gillend verwelkomd.  Zou iemand eigenlijk ooit al in een spin of een mug de aanwezigheid van een overledene gezien hebben? Kan een naaktslak ook een teken zijn?

Een leerlinge vertelde deze week dat ze graag een vlinder zou hebben als huisdier. Dat ze er zo goed voor zou zorgen. Ook al wist ze dat vlinders niet lang leven: ze zag geen enkel probleem, want ergens zou wel een goedkope vlinderverkoper te vinden zijn. Ik wens het haar toe. Een vlinder die op haar schouder landt en denkt: hier wil ik blijven. En als die dan sterft, die  vlinder blijven zien. In een zoen op je wang.

 (verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 29/04/26) 

TINE ZIET (529): Basiscomfort

Donderdagavond was ik bij vrienden voor een BBQ. De vriend die het vlees aan het bakken was, was kwaad omdat hij een brief gekregen had van ...