Donderdagavond was ik bij vrienden voor een BBQ. De vriend die het vlees aan het bakken was, was kwaad omdat hij een brief gekregen had van Stad Menen betreffende de actualisering van het kadaster. We lachten er wat mee. In de brief vragen ze of hij intussen basiscomfort heeft zoals verwarming en/of een badkamer.
De dag daarop kreeg ik dezelfde brief in mijn bus.
Toegegeven: ik lachte ook groen. Het is niet dat ik mijn huis aangepast heb in
de jaren dat ik er woon, ik heb het huis zo gekocht. Met een badkamer. En twee
gaskachels. Ik heb ze er niet stiekem in laten plaatsen. Toch krijg ik het
gevoel dat ik betrapt ben op het hebben van basiscomfort. Ik voel me een
profiteur. Ik voel me zelfs bedreigd, want bij de brief zit ook een uittreksel
uit het wetboek van de inkomstenbelastingen. Met daarbij de sancties die kunnen
volgen bij het niet naleven van de wet.
Ik gok dat we met velen zijn die die brief ontvangen hebben.
Er is wellicht wat paniek: want de ‘actualiseren van het kadaster’ staat in dit
geval natuurlijk gelijk aan een hoger kadastraal inkomen. Hoeveel hoger dat
precies zal zijn, is een raadsel. Men pleit voor een eerlijk bedrag voor
iedereen. Ik pleit voor een overzichtelijk handboek waarin mensen zoals ik
kunnen lezen wat er precies van hen verwacht wordt in dit leven.
Je eigen huis opwaarderen met premies of zonder premies
betekent ook een hoger kadastraal inkomen. Je kan maar beter bij je buren gaan
douchen. Of helemaal niet. Waarom leren
ze ons dat niet op school? Of heb ik misschien niet goed opgelet?
(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 11/06/26)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten