maandag 14 september 2026

TINE ZIET (542): Fietsschrik

Goede voornemens neem ik liever bij het begin van het schooljaar dan bij het begin van een kalenderjaar. Elk schooljaar wil ik aanvatten met een extra doel. Deze keer wou ik het gezonder aan doen. Met de fiets naar school bijvoorbeeld. Er is veel moed voor nodig, weet ik nu.

Twee weken geleden werd mijn fiets bijna gestolen. Vorige week reed ik nog lek. Wat een gedoe!  Op mijn eerste ritje naar het werk, werd ik een tijd geachtervolgd door twee loslopende honden aan de Leie. Vooral die ene kwam vervaarlijk dichtbij. Ik voelde zijn kaken als het ware al in mijn kuiten happen en stak meteen een tandje bij. Geen idee of ze me zouden aanvallen, maar het leek me toch beter om sneller te gaan rijden.

Soit. We zijn nog maar een week verder en mijn enthousiasme om te fietsen is toch al een stuk geslonken. Er zijn nog zoveel spijkers op de weg… Doorzetten is de boodschap.

Toch is er een tijd geweest dat ik elke dag onbezonnen naar school fietste. Ik had geen schrik voor lekke banden, fietsendieven en loslopende honden. Zelfs niet voor onverwachte regenvlagen. Het enige waar ik bang voor was, was dat ik mijn belachelijke regenjas met dito broek moest aantrekken voor het oog van de voorbijfietsende anderen. Liever nat dan droog in kleuren waarmee je als puber liever niet mee naar buiten kwam.

Ik zal eraan moeten geloven: fluohesje en helm waren in eerste instantie ook niet cool. Gelukkig ben ik inmiddels volwassen en kies zelf de kleur van mijn regenjas. Mijn vader zal me niet meer depanneren maar ik heb vrienden en het lef om hulp te vragen.  

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 11/09/26)

maandag 7 september 2026

TINE ZIET (541): Uitgeregend

Met Boulevard Solar zorgde onze stad samen met CC De Steiger toch voor heel wat fijne activiteiten in onze stad. Donderdag viel helaas de slotscène van het toneelstuk ‘Steegske’ letterlijk en figuurlijk in het water. Dit locatietheater – voor de gelegenheid opgetrokken bij Valvan Containers NV - toonde met veel overgave en vernuftige kostuum- en personagewissels scènes uit een grimmig steegje, als doorkijk in het groezelige nachtleven van een anonieme stad. 

Op zich had het wel wat. De wind die heftig opstak en het decor vervaarlijk deed wapperen. De levensechte bliksemschichten bij passionele woordenwisselingen. Een paringsdans onder verduisterende omstandigheden. De regen op het hoofd van Tracy die tussen de vuilniszakken woont. Maar het moment dat de dialogen niet meer verstaanbaar worden door het geritsel van regenjassen en klaterende regen, was toch het moment om de voorstelling stil te leggen. 

Zelf – optimist die ik ben – had ik geen paraplu of regenjas in mijn bezit die avond. Dus ik eindigde als doorweekte zeerat. Dat we nu niet weten wat die papegaai in godsnaam op restaurant zat te doen en of Mike is komen opdagen op zijn seksdate, zullen we nu niet weten. Tenzij we een andere locatie opzoeken. Al zal de magie toch anders zijn, nu we weten dat er slechts vijf acteurs onder al die verschillende personages schuilgaan. Het is buitengewoon knap gedaan en we kunnen ons louter voorstellen wat een energie achter dat steegje schuilgaat als acteurs en actrices in speedtempo in de huid en het haar van zoveel verschillende personages kruipen. Top!

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 04/09/26)

maandag 31 augustus 2026

TINE ZIET (540): Fietsendieven

 Vorige week zat ik met een vriendin te aperitieven in de tuin van de Sacrés Chefs in de Kortrijkstraat. We hadden onze elektrische fiets aan mekaar en aan de buis vastgemaakt. Toen ons glas bijna op was, kwam het meisje van achter de bar naar buiten gelopen en vroeg aan ons of we toevallig met de fiets gekomen waren en of we onze fietsen ook tegen hun gevel hadden gezet. We knikten. Ze vertelde dat er net een bestelwagen was gestopt en dat ze twee fietsen hadden ingeladen in hun camionette en waren weggereden. We schrokken en mijn vriendin liep naar buiten. Onze fietsen stonden er gelukkig nog. Een jarige vrouw had minder geluk. Haar fiets en die van haar man waren wel meegenomen. Zij hadden de fietsen niet aan de buis vastgehangen. Er waren ooggetuigen. Er waren zelfs camerabeelden. De politie werd gebeld.

Intussen verhuisden wij onze fiets naar de tuin van het restaurant. Dat mocht en bestelden van pure opluchting nog een aperitief. De andere mensen en het meisje achter de toog wachtten meer dan een half uur op de politie, die niet is afgekomen. De bestolen mensen zijn dan maar zelf naar het politiebureau gestapt en de ooggetuigen hebben de filmpjes dan op internet gedropt. Blijkbaar kwam de camionette al van de Basic Fit waar ze ook al fietsen hadden meegepikt.

Ik vind het straf dat de politie niet de moeite nam om langs te komen en te praten met de ooggetuigen. Zo ver is dat toch allemaal niet? Enkele dagen later las ik opnieuw van fietsendieven aan de Basic Fit. Het zal toch niet aan mij liggen, maar hoe zit dat met die veiligheid?

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 27/08/26)

maandag 24 augustus 2026

TINE ZIET (539): Mug

Een tijd geleden is mijn moeder gevallen. Dit op haar wandeling naar de glascontainer en de geldautomaat in Beveren-Leie. Ze moest gehecht worden in het gezicht. Haar twee armen werden voor een andere breuk ingegipst en het was duidelijk dat ze niet meteen naar huis zou kunnen. Ze verbleef even in het ziekenhuis en daarna was het kortverblijf in Kruishoutem haar tijdelijke huis. Normaal is dit informatie die ik niet zou delen in deze krant. Maar nu ze goed hersteld is, mag ik het van haar toch plaatsen. Dit vooral omdat haar val een eigen leven is gaan leiden. Want zo gaat dat in een dorp. Mensen zien iets gebeuren, vertellen het door en maken de dingen groter. De mug wordt een olifant.

Zondag kwam ze voor het eerst weer onder haar wekelijkse vrienden in de kerk en ze hoorde van iedereen een andere versie van haar eigen verhaal. Best bevreemdend. Het frustrerende is dat ze het zelf niet weet. Wie heeft de ziekenwagen gebeld? Wat is er gebeurd?

Iedereen weet wel iets, maar niemand het hele verhaal. In de ene versie was er een MUG. In de andere was ze op haar eigen zak glas gevallen. Weer iemand anders vertelde dat ze was gestruikeld over een steen. Bij deze – en ik doe het heus maar een keer – een oproep: als er iemand is die erbij was en die haar kan vertellen hoe het nu echt was, doe haar een plezier en laat van je horen. De krant heeft mijn gegevens. Of iemand in het dorp die van haar.

Aan iedereen die een versie heeft van horen zeggen: verwijderen, uitroeien die boel! Maak plaats voor nieuwe weetjes die tot ‘geslurfden’ kunnen uitgroeien.

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 20/08/26)

maandag 17 augustus 2026

TINE ZIET (538): Stof

Afgelopen weekend kleurde Kortrijk behoorlijk zwarter ter hoogte van De Lange Munte. Dit voor een volledig uitverkochte editie van Alcatraz. Naast de verzengende zon, het opwaaiende stof, duizenden metalfans was ook ik present op zaterdag. Ik hou wel van metal maar leg het zelden bewust op. Ik ken er eigenlijk ook weinig van. Een groentje dus tussen al dat zwart. Deze zomer heb ik bewust grote meutes zoals op Grensrock, de Gentse Feesten en TAZ gemeden. Voor Gent Jazz en dit festival maakte ik een uitzondering.

Het moet gezegd: ondanks de overdadige hitte en het feit dat dit om een uitverkocht festival ging, heb ik weinig ellebogen gevoeld en bitter weinig penetrante zweet- of festivalluchtjes geroken. Het terrein was beduidend groter dan de opkomst, waardoor ik minder angsten moest doorstaan om drankjes te gaan halen of naar de WC te gaan. Ik heb me dan ook wijselijk niet in de moshpit begeven.

Spelbreker in dit festivalgebeuren was voor mij echt de zon. Naast het feit dat de organisatie water tot 19u gratis ter beschikking stelde, zonnecrème en schaduwplekjes her en der , waterpistolen en andere verkoelingen op het terrein, werd het voor  mijn gezelschap en ik ondragelijk om de avond te zien vallen. We dropen na ongeveer zes uur stikkapot af.

Maar wat was me dat! Mijn bottines en ons haar vol stof. Niets anders dan lof over dit indrukwekkend gebeuren. Alcatraz is meer dan metal. Het is een totaalervaring! Die alleen maar gesmeerd kan lopen door een geweldig team van medewerkers! En natuurlijk ook door de ontzettende welwillendheid van de bezoekers! Top!

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 13/08/26)

zondag 9 augustus 2026

TINE ZIET (537): Washandje

In een soort spontane ingeving werd een dagtripje met een vriendin een tweedaagse in Mons. Het was voor mij enkele jaren geleden dat ik er was. Zij was er al eens kort voor een expo, maar was niet op verder onderzoek uit gegaan.

Het appartement dat we gehuurd hadden, was erg bescheiden. Wat opvallend was dat er ook washandjes voorzien waren. Iets wat in Vlaanderen toch niet zo veel meer voorkomt. Ik hou erg van de Waalse sfeer. Dat heeft natuurlijk niet alleen met washandjes te maken. Vaak denk ik dat alles er veel trager en rustiger is. Als kind was ik een paar jaar elke zomer op vakantie in een boerderij in Vellereille-les-Brayeux. Op de kermis allemaal aan een lange tafel. De hele avond hetzelfde cassettebandje. Iedereen at dezelfde witte bonen met rode saus. De schommel de enige attractie. Ik hield ervan mijn grote broer te gaan bezoeken die in Doornik studeerde. Hij zat op kot naast de koeien. De Waalse studentes droegen mijn broer op handen.  

Toen we op een gezellig terrasje zaten, viel ons op dat het boekenkastje gretig bezocht werd. Even geloofden we dat er wel wat extra in die boeken moest zitten.  Gedurende een periode van een uur, kwamen er wel zeker drie mensen boeken ruilen. De dag later zagen we weer hetzelfde opvallende tafereel. Toen ik zelf het boek dat ik gratis gekregen had in het museum, in het kastje ging stoppen, merkte ik dat er alweer allemaal andere boeken in zaten. Wat fijn dat hier nog gelezen wordt en dat men zo massaal wil delen! Zou dat met de washandjes ook het geval zijn, bedenk ik nu met schrik.

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 06/08/26)

zondag 2 augustus 2026

TINE ZIET (536): Bus

Deze zomerdagen probeer ik meer en meer de confrontatie aan te gaan met al mijn persoonlijkheden. Zo heb ik er meer en meer de behoefte aan om in mijn eentje al die verschillende versies van mezelf los te laten in één kamer. Niet dat het officieel is gediagnosticeerd, maar die verschillende personages in mij, zijn onmiskenbaar aanwezig.

Zo is er de dramaqueen. Dat exemplaar van mij dat graag op een podium staat. Energiek. Zelfzeker. Over the top. Helemaal los. Evengoed is er die introverte Tine, die ik soms het huis moet uit verplichten met een bezem. Er is een empathische kant, die al het verdriet of alle zorgen van anderen wil opvegen. Er is een neutrale versie, waarmee ik de andere kant kan uitkijken. Een nukkige vorm. Een huppelende. We kunnen eigenlijk met z’n allen een bus vullen. Ik met al die wezens.

Soms schrik ik zelf nog van een plotse ommezwaai maar er valt prima met die bus in mij samen te leven, mits ik dus van tijd tot tijd al die busreizigers eens in de ogen kan kijken. Voor anderen is het natuurlijk stukken lastiger. Vooral voor mensen die me maar in één versie kennen. Wie me kent als een geduldige vrolijke juf of als voorganger van een uitvaart, vindt het bijvoorbeeld raar om me in rare outfits schreeuwend op een podium te zien. Wie me anderzijds kent met de glitters op het gezicht, schrikt ervan om mij als een zielig hoopje op een stoel te zien zitten. Daar kan ik inkomen. Daarom hecht ik zoveel waarde aan mensen die de bus in mij aankunnen en een halte voor mij maken, waar ik welkom ben. In elke hoedanigheid van mij.

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 30/07/26)

maandag 27 juli 2026

TINE ZIET (535): Receptie

Dan zit je opeens op een receptie op een prachtige locatie. Balen stro vormen de bank aan een lange gezellige tafel met veldbloemen. Er is ambachtelijke cider, bier, wijn en fruitsapjes. Er is een draaitafel waarachter een DJ met koptelefoon met z’n lange haren schudt, maar vooralsnog is er geen muziek uit de boxen te horen. Er zijn lekkere bordjes met kwaliteitsvolle hapjes. Maar die moet je zelf gaan halen bij een raam. Dan merk je dat er opeens twee soorten mensen zijn. Mensen die in hittegolftijd graag loom vanuit een zeteltje met een glas naar de andere gasten kijken en anderzijds de mensen die voor dat raam gaan postvatten en alles opvreten wat er wordt aangeboden. Kunnen jullie raden welk type ik ben? Het type dat eenmaal terug in eigen stad stopt bij de pittazaak omdat ze maar een anderhalf kommetje kon scoren.

Het is geen kritiek. Ik was blij op die receptie te mogen zijn. Uiteindelijk ga je daar nooit heen om te eten maar voor de gezelligheid. Soms zelfs gewoon om je gezicht te tonen. In dit geval was ik zelfs niet eens uitgenodigd. Ik mocht mee als gezelschap van iemand die wel geïnviteerd was. Zonde is het wel. Organisatoren betalen catering per hoofd. Ik miste blijkbaar lekkere garnaal- en zeewierkroketten. Een kaasplankje. Een lekkere humus. Dat hoorde ik van iemand die opschepte met het feit dat hij vier kroketten had gehad!

Geef mij liever een receptie met chips en olijven, selderij en radijzen verspreid over alle tafels. Desnoods onze befaamde peche tonijn. Het mag voor mij best wat chiquer, als het ook sociaal kan zijn.

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 23/07/26)

maandag 20 juli 2026

TINE ZIET (534): The Lobster

Omdat ik het ongeveer een jaar geleden met een vriendin bij een andere vriendin over een film van Giorgos Lanthimos had, kwam het gesprek bij een film van hem uit, die we nog niet gezien hebben. ‘The Lobster’.  De derde vriendin meende dat wij die film moesten zien. Dat die echt iets voor ons was. Dus planden we afgelopen maanden tot driemaal toe een filmdate om samen met ons drietjes naar die film te kijken. Telkens kwam er wel iets tussen. Afgelopen weekend was het eindelijk zover!

Eenmaal we in de zetel geïnstalleerd waren om de film te bekijken, bleek de dvd-speler, die speciaal voor de gelegenheid tweedehands werd aangeschaft, niet te werken. Daarna probeerden we via allerlei streamingapps om de film toch op het scherm te krijgen, maar op geen enkele app, bleek de film beschikbaar. De gastvrouw ging dan maar bij buren van haar appartement aanbellen, met de vraag of zij misschien nog een dvd-speler beschikbaar hadden. Een zoektocht als naar een speld in een berg hooi. Wie heeft nu nog zoiets in huis? Er werd er uiteindelijk eentje gevonden op een andere verdieping en na een tweede installatie, bleek het dvd-schijfje zelf stuk te zijn.

We hadden ook zonder film een erg fijne namiddag. Het hele proces was hilarisch absurd. ‘The Lobster’ wil ons overduidelijk niet. Feit is wel dat die kreeft ons inmiddels flink in de scharen heeft. Onze eigen queeste zowaar! Begin augustus proberen we het nog een keer. We weten nog niet hoe. Mocht iemand - aan zee misschien? -  het schaaldier spotten, gelieve dan drie keer op mijn raam te komen kloppen! 

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 16/07/26)

maandag 13 juli 2026

TINE ZIET (533): JOMO

Een vraag die ik afgelopen dagen een paar keer kreeg was of ik dit jaar geen zomerproject doe. Na meer dan tien jaar knippen, plakken, op ramen schrijven, gedichten maken, fietsen en wandelen op verzoek, buurtturen, brieven schrijven,… is het eens tijd om te niksen. Al is niksen veel gezegd. Ik maakte mezelf één belofte: mijn terras zomerklaar maken en vrienden en vriendinnen sturen dat ze welkom zijn. Zonder feestjes. Zonder programma. Ik verplichtte mezelf in gang te schieten voor een tweede hittegolf. Eindelijk is dat opruimen gelukt. Al stond het huilen me nader dan het lachen toen een vuilniszak kattenbakvulling over het kunstgras lekte en de stofzuiger die ik voor buiten had gekocht het liet afweten…

Het feit dat ik zomerprojectjes organiseerde was vaak om een soort verveling tegen te gaan. Een reden om op te staan en onder de mensen te komen, creatief te blijven en nuttig te zijn. Na een zeer intense tien maanden van lesgeven en leerlingenoptredens voorbereiden, Matinees organiseren en presenteren, optreden en uitvaarten voorgaan, bedacht ik dat het wel eens op de pauzeknop mag drukken in die schoolvakantie. Ik blijf natuurlijk beschikbaar voor uitvaarten. Er wordt niet gestopt met sterven. Laat staan met missen. De data van een nieuw Matinee-seizoen zijn al bepaald: over enkele weken kan ook dat organiseren weer beginnen.

Dus nu even niks. Ik blijf deze dagen zelfs graag binnen. Even wat minder prikkels en wat meer quality time met mezelf en de poezen. Vroeger FOMO, nu eerder JOMO. Misschien mijn grootste zomerproject ooit.

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 09/07/26)

zondag 5 juli 2026

TINE ZIET (532): De Voute

Zondag waren wij met het hele gezin voor het eerst in Uzien in Deerlijk. Dit voor de officiële voorstelling van De Voute, een woonproject voor mensen met een beperking. Een warm tussenverdiep dat zal gebouwd worden naast Uzien. Naast het feit dat ik onder de indruk was van Uzien zelf en de sfeer daarrond, was ik natuurlijk vooral ook in volle bewondering voor het project zelf. Dat ouders die elkaar daarvoor niet kenden, de handen in elkaar slaan voor dergelijk groots initiatief is bijzonder. 

Het gebouw moet nog worden gebouwd, maar de bezoekers konden zien hoe het er zal uitzien. Dit met linten op het grasveld, met pancartes en met een VR-bril. Voor mijn moeder een hele belevenis. “Wat kunnen ze al veel!” zei ze. Dat klopt! Door de muren van een gebouw kunnen lopen dat er nog alleen in gedachten is, is best uitzonderlijk. 

Voor mezelf was het een fijn om met de hele familie hierbij aanwezig te zijn. Niet alleen gingen we allemaal naar huis met een tombolaprijs, ook was er een liefde in mij. Een fierheid. De wens op een voorspoedige afloop van dit verhaal. Ik merkte dat ik daar niet alleen in was. Het is een fijne gedachte dat zoiets kan gedragen worden door familie en sympathisanten. Naast die grote sponsors natuurlijk! Die zijn onontbeerlijk voor het slagen. Daarbij maak ik ook de kanttekening: spijtig dat het nodig is om zoveel krachten te moeten bundelen. Het vergt zoveel inzet en engagement. Het vraagt moed en lef.

Vroeger bij mij thuis was er een voute. Daar lagen onze kleren. Zonder voute waren wij naakt. De Voute vzw zorgt voor zoveel warms.

verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 02/07/26) 


zondag 28 juni 2026

TINE ZIET (531): Verhit

We snakten zo naar zon en terrasjes. Dat het zo’n vaart zou lopen, hadden we natuurlijk niet verwacht. Zelfs de grootste zonnekloppers zullen het wel voelen: dat het veel is voor een lijf. Zeker als we niet op reis zijn. Het leven gaat door. Het afval moet worden opgehaald. Brood moet gebakken worden. Er moet nog steeds verkocht en gekocht worden. Al stemt zon meestal wel vrolijk, al lijkt alles veel sensueler, discussies laaien misschien nog hitsiger op. Meer hoofden slaan tilt. Leve de zweetsnor en de opgezwollen enkels!  Bij de minste actie voel ik mij toch een vetsmelterij op pootjes. Hoezee!

 Dan betrap ik mezelf op nachtelijke zoektochten naar een opblaasbaar zwembad om in te zitten. Op het gemakzuchtig aanschaffen van voorverpakte salades. Op het te gulzig drinken. Op het gretig kopen van fruit dat ondanks goede voornemens niet tijdig opgeraakt. Op billen die alleen maar willen zitten en minuscule ergernissen die moeiteloos aanzwellen. Zo goed bezig weer om de wereld nog wanstaltiger te maken en alles meer om zeep. We kunnen er niets aan doen: we zijn niet verantwoordelijk en wijzen beschuldigend naar het uitzonderlijke weer.

Eerlijk? Ik voel het verlangen om me in een cocon terug te trekken. Waarom toch word ik kregelig van een overdaad aan prikkels.? Waar is mijn slaap naartoe? Mijn concentratie? Ik snak naar een reset naar mijn fabrieksinstellingen. We hebben het te ver laten komen en zien het niet. Terwijl ik mezelf op de borst sla, neem ik nog een koude douche.

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 25/06/26) 


maandag 22 juni 2026

TINE ZIET (530): Walvis

Zaterdag was ik één van de gelukkigen die aanwezig was bij de première van ‘De exploderend walvismusical’ bij het vroegere jukeboxmuseum. Voor die spetterende opening van het Boulevard Solarseizoen durfde ik het me nog te beklagen dat ik na het jureren van maar liefst acht voorstellingen in de kelder van CC Gildhof in Tielt het idee had om naar nog een voorstelling te gaan kijken. Buiten dan nog!

Zodra ik in de tribune zat, voelde ik dat het wel eens geweldig zou kunnen zijn. De andere aanwezigen ook met mij. Onbeschaamd giechelen met het vreemde taaltje die de mensels van het eiland het UUS brabbelden of met de aandoenlijke flair van Jonas in de walvis. De schaamklak. De fijne melodietjes. Het serene van het lokale zeekoor.

De voorstelling was uitverkocht. In het publiek ook veel mensen die Menen niet kennen en onder de indruk waren van de fijne locatie. Even waanden we ons al op ons eigen Theater Aan Zee in Menen of zo. Wat ongelooflijk fijn dat dat kan! Zo dicht bij ons eigen oes een totaal betoverende ervaring. Het fijne is dat je er niet voor op reis hoeft te gaan en dat je er zelfs niet moet voor betalen.

 Het belooft een mooie zomer te worden. Dat voel ik nu al aan mijn vleugels. De grasmachines ronken aan de overkant. De geur van versgemaaid gras. De belofte van een week met zuiderse temperaturen. Het lonkend ijs in de diepvries. De laatste evaluatiefiches moeten nog worden ingevuld. De leerlingen uitgezwaaid. De bloempotten van de vensterbank in stukken door de ontdekkende poezels in huis. Laat maar komen!

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 18/06/26) 

maandag 15 juni 2026

TINE ZIET (529): Basiscomfort

Donderdagavond was ik bij vrienden voor een BBQ. De vriend die het vlees aan het bakken was, was kwaad omdat hij een brief gekregen had van Stad Menen betreffende de actualisering van het kadaster. We lachten er wat mee. In de brief vragen ze of hij intussen basiscomfort heeft zoals verwarming en/of een badkamer.

De dag daarop kreeg ik dezelfde brief in mijn bus. Toegegeven: ik lachte ook groen. Het is niet dat ik mijn huis aangepast heb in de jaren dat ik er woon, ik heb het huis zo gekocht. Met een badkamer. En twee gaskachels. Ik heb ze er niet stiekem in laten plaatsen. Toch krijg ik het gevoel dat ik betrapt ben op het hebben van basiscomfort. Ik voel me een profiteur. Ik voel me zelfs bedreigd, want bij de brief zit ook een uittreksel uit het wetboek van de inkomstenbelastingen. Met daarbij de sancties die kunnen volgen bij het niet naleven van de wet.

Ik gok dat we met velen zijn die die brief ontvangen hebben. Er is wellicht wat paniek: want de ‘actualiseren van het kadaster’ staat in dit geval natuurlijk gelijk aan een hoger kadastraal inkomen. Hoeveel hoger dat precies zal zijn, is een raadsel. Men pleit voor een eerlijk bedrag voor iedereen. Ik pleit voor een overzichtelijk handboek waarin mensen zoals ik kunnen lezen wat er precies van hen verwacht wordt in dit leven.

Je eigen huis opwaarderen met premies of zonder premies betekent ook een hoger kadastraal inkomen. Je kan maar beter bij je buren gaan douchen. Of helemaal niet.  Waarom leren ze ons dat niet op school? Of heb ik misschien niet goed opgelet?

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 11/06/26) 

 

maandag 8 juni 2026

TINE ZIET (528): Aaibaar gezelschap

Een autorit kan lang duren als er op de achterbank een poes zielig zit te miauwen.

Donderdag was het zover: ik ging nieuwe poezelige huisgenoten Cézar en Charlie ophalen. Via de website van een asiel, kwam ik ze op het spoor. Ze woonden in een huis waar ze niet konden aarden met de nieuwe baby in huis en de eigenaars zochten dringend een nieuwe thuis waarin ze onafscheidelijk mochten blijven. Ik had speciaal een draagmand voor hen samen gekocht, maar toen één van de twee in de mand werd geplaatst, werd duidelijk dat ik toch niet het grootste model had gekocht. De katten waren in elk geval groter dan ik ze me kon herinneren. De twee werden uiteindelijk in twee verschillende mandjes met hun kopjes naar elkaar naast mekaar geplaatst. De ene hield zich tot vandaag stil. De andere mauwde de hele rit door.

Ik betrapte mezelf erop dat ik begon mee te mauwen. Want praten hielp niet. Muziek opzetten ook niet. Ik voelde me een heuse catnapper. Ze zomaar wegplukken uit hun vertrouwde omgeving om ze meer dan een half uur later op een vreemde zolderkamer vol nieuwe kattenspulletjes uit te laten. Hoe durfde ik!

Er is geen losgeld. Maar ik ben ook niet van plan om ze terug te brengen! Onder geen beding. De vroegere baasjes krijgen af en toe een foto of filmpje doorgestuurd. Meer niet. Charlie komt al heerlijk tegen me aan spinnen en rollen. Cézar zit zijn eigen schaduwstaart vrolijk achterna. Nog even wennen. Over enkele weken zijn ze helemaal vertrouwd. Aaibaar gezelschap in huis! Wat is dat een heerlijkheid in dit leven! Het voelt warempel als zomer!

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 04/06/26) 

maandag 1 juni 2026

TINE ZIET (527): Buren

In de tijd dat ik nog thuis woonde, waren mijn buren koeien en 'Bambi’s' en droomde ik van opgroeien in een buurt als Ramsay Street. Zoveel series gingen over buren en buurten. Een groepering huizen waarbij de buren zomaar bij mekaar konden over de vloer konden komen. Het leek me leuk om zo op de liefde van mijn leven te botsen. Al wist  ik toen al dat ik bij jongens als Scot Robinson of zelfs bij Johnnie Flodder nooit kans zou maken. Ook het sociale aspect leek me heerlijk.

Toen ik later alleen ging wonen, had ik buren, sloot ik me uiteindelijk op voor hen. Ik schaamde me voor het feit dat ik geen huisvrouw ben. Bij mijn verhuis naar Menen nam ik mezelf voor om dat sociale aspect in mij toch wat te stimuleren. Alsook om wat meer te investeren in onkruid wieden en toe af en toe de ramen lappen. Ik maakte praatjes met sommige mensen uit mijn buurt. Nu ik hier woon, doe ik nog beter mijn best. Maar vaak heb ik – eerlijk waar – gewoon minder zin in een babbel voor de deur en verkies ik het obligate knikje omdat ik bijvoorbeeld op weg ben van hot naar her. Of omdat ik naar de wc moet of gewoon languit alleen met mezelf wil zijn.

 Tijdens de afgelopen Matinee Moniek over ‘Beter een goede buur dan een verre vriend’ sprak er een kunstenares die door de goede band met haar buurvrouw op haar verjaardagsfeest terechtkwam en zowaar op een buurman botste die ze nog niet eerder had ontmoet. Al acht jaar steken ze nu geregeld de straat naar elkaars huis over. Het lijkt me mooi. Vrijdag 29 mei is het weer 'Dag van de Buren'. Ik moet dringend weer eens buurtturen.

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 28/05/26) 

 

maandag 25 mei 2026

TINE ZIET (526): Pensioenstralend

Woensdag ging ik na de traditionele toonmomenten van de leerlingen in Moorsele naar OC ’t Klokhuis in Beveren-Leie alwaar mijn oud-leerkracht woord verrast werd door al haar oud-afgestudeerden, omdat ze straks op pensioen gaat. Ik kwam er later aan, maar blijkbaar waren er meer dan zestig aanwezigen die net als ik onder haar vleugels zaten. Dat lijkt voor mensen die het vak niet kennen misschien wat banaal. Maar als je bedenkt dat je meestal tien jaar les volgt bij iemand voor je afstudeert in dat vak dan weet je dat het niet zo voor de hand liggend is om daadwerkelijk die finish samen te bereiken. Zeker de laatste jaren niet. Velen haken af na zeven jaar. Want dat is toch meer dan genoeg? Maar het fijnste zit nét in dat staartje van het traject.

Zelf ervaar ik het ook als iets bijzonders als leerlingen die je ooit als klein kind in je klas had de eindmeet ziet halen. Je leert ze kennen als negenjarige en wuift ze uit als ze achttien zijn. Wat zit daar allemaal niet tussen? In het vak dat wij geven, begeleid je hen niet alleen met spreken en spelen, maar ook in het leven.

Zo kweekte ik bij haar naast mijn liefde voor poëzie vooral ook zelfvertrouwen en durf. Het besef dat ik grappig kon zijn.  Ik ontdekte er mijn talent. Door haar koos ik voor hetzelfde werk. Het was dus best een fijn feestje daar. Al die verschillende generaties samen. Met als gemeenschappelijke factor dat zij ons kon doen blinken tot ver naast de planken. Het bleek besmettelijk: hoe zij op enkele weken van haar pensioen van oor tot oor straalde!

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 21/05/26) 

maandag 18 mei 2026

TINE ZIET (525): Schuldboeket

Zondag voelde ik me schuldig omdat ik na het kopen van een rijkelijk gevulde bloempot voor op het terras van mijn moeder terug in de rij voor de kassa van de bloemenwinkel ging staan voor een boeket voor mezelf. Ik koop wel vaker een tulpenboeket voor mezelf in het warenhuis. Zelden koop ik een écht boeket voor mezelf en ik vond dat ik ondanks het feit dat ik geen moeder ben een boeket verdiend had. Eerder had mijn moeder aan de telefoon gezegd dat ik dit jaar onder geen beding een boeket voor haar mocht kopen omdat ze het jammer vindt dat de bloemen niet blijven. Toen de vrouw in de winkel de ruiker feestelijk wou inpakken, zei ik dat het niet nodig was. Dat ze maar voor mezelf waren. Ze wikkelde er dan maar een gewone folie om ter bescherming.

Waarom ik me schuldig voelde? Niet omdat ik geen moeder ben. Maar wel omdat ik bloemen, helpende handen en tijd die speciaal voor moeders waren bestemd ingenomen heb. Onzin eigenlijk. Ik betaal er gewoon de prijs voor.

Dat ingebakken schuldgevoel. Wat moet ik daar toch mee? Kon ik dat maar laten inpakken met een mooie strik en achterlaten bij een voordeur of verzenden met de post. Zelf ben ik er bitter weinig mee. Ongetwijfeld maak ik er iemand rijker mee.

Mijn moeder was overigens blij met haar kleurige bloempot. Ze zei: “Ah! Die gaan tenminste nog een zomer mee!”  De ruiker op mijn eigen tafel zal op het moment dat dit stukje verschijnt wat minder fleurig zijn, dat is een feit. Tegen dan is het schuldgevoel dat ik ervoer, verwelkt. Geen nood: er is de zekerheid van nieuwe bloemen.



maandag 11 mei 2026

TINE ZIET (524): Gevelgeluk


 Elke lente word ik ermee geconfronteerd: ik moet mijn stoep meer onderhouden. Anders zou ik wel eens een GAS-boete kunnen krijgen. Ik merk in de loop van de jaren toch zeker een mildere toon in de jaarlijkse verwittiging die in de brievenbus steekt.  Maar omdat ik betreffende dat onderwerp enkele jaren geleden een open brief schreef naar het stadsbestuur, die ook de lokale pers en de gemeenteraad haalde, heb ik de indruk dat er extra aandacht is voor de begroeiing voor mijn voorgevel. Tine Moniek, dé patroonheilige van menig stevig begroeide voorgevels….

Dit weekend vond ik de moed. Ik moet het bekennen: ik doe dat echt niet graag. Open en bloot met mesje in de hand gebukt voor elke voorbijganger staan. In feit is de klus zo geklaard. Zeker na een regenbuitje. Toch voelt het als een soort lijfstraf. Dat ik het weer zover liet komen zeg!

Sinds ik in de Gen. Lemanstraat woon, krijg ik trouwens jaarlijks gratis en voor niets campanula’s cadeau. Elk jaar komen ze gratis en voor niets tevoorschijn via de voeg tegen mijn voorgevel. Twee jaar geleden trok ik ze er nog uit, omdat ik bang was voor een bekeuring. Vorig jaar verwijderde mijn buurman ze omdat hij zo aardig was om mijn stoep in een vlijtige bui mee te wieden met een hogedrukreiniger. Dit jaar laat ik ze koppig staan.  Hopelijk hij ook. Ik heb dan wel geen officieel geveltuintje, ik heb wel spontaan gevelgeluk. Gelieve dat geluk niet zomaar van me weg te plukken of erger nog: als hardnekkig onkruid uit de voeg te rukken! Campanula’s zijn gewoon officieel erkende bloemen!

(verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 07/05/26) 


maandag 4 mei 2026

TINE ZIET (523): Vlinderseizoen

Tijdens een rouwgesprek met een familie, bekende de kleindochter haar overleden grootvader in een vlinder te herkennen. Ze deed dat met enige schroom. Alsof ze mij bekende in spoken te geloven. Ik stelde haar gerust. Mijn vader heb ik lang in een duif herkend. Een vriendin vertelde me dat ze haar moeder ook in een specifieke duif in de tuin herkende. Een collega vertelde hoe ze in een eekhoorntje of een roodborstje de groet van een overledene ziet. Een vriendin ziet een groet van haar overleden echtgenoot in een dubbele regenboog. Nog iemand ziet in zonlicht herkenning. Of in een bloem. Naast het feit dat het een mooi symbool is om iemand die we missen te blijven zien in natuurlijke fenomenen, biedt het ons ook troost op ons levenspad.

Nu we weer in de tuin gaan zitten, al is dat in de avond nog met een fleece-dekentje om ons heen, is het vlinderseizoen weer geopend. Dit weekend voor het eerst weer samen met de vrienden en wat wijn. De eerste spin werd gillend verwelkomd.  Zou iemand eigenlijk ooit al in een spin of een mug de aanwezigheid van een overledene gezien hebben? Kan een naaktslak ook een teken zijn?

Een leerlinge vertelde deze week dat ze graag een vlinder zou hebben als huisdier. Dat ze er zo goed voor zou zorgen. Ook al wist ze dat vlinders niet lang leven: ze zag geen enkel probleem, want ergens zou wel een goedkope vlinderverkoper te vinden zijn. Ik wens het haar toe. Een vlinder die op haar schouder landt en denkt: hier wil ik blijven. En als die dan sterft, die  vlinder blijven zien. In een zoen op je wang.

 (verscheen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 29/04/26) 

TINE ZIET (542): Fietsschrik

Goede voornemens neem ik liever bij het begin van het schooljaar dan bij het begin van een kalenderjaar. Elk schooljaar wil ik aanvatten met...