Tijdens een rouwgesprek met een familie, bekende de kleindochter haar overleden grootvader in een vlinder te herkennen. Ze deed dat met enige schroom. Alsof ze mij bekende in spoken te geloven. Ik stelde haar gerust. Mijn vader heb ik lang in een duif herkend. Een vriendin vertelde me dat ze haar moeder ook in een specifieke duif in de tuin herkende. Een collega vertelde hoe ze in een eekhoorntje of een roodborstje de groet van een overledene ziet. Een vriendin ziet een groet van haar overleden echtgenoot in een dubbele regenboog. Nog iemand ziet in zonlicht herkenning. Of in een bloem. Naast het feit dat het een mooi symbool is om iemand die we missen te blijven zien in natuurlijke fenomenen, biedt het ons ook troost op ons levenspad.
Nu we weer in de tuin gaan zitten, al is dat in de avond nog
met een fleece-dekentje om ons heen, is het vlinderseizoen weer geopend. Dit
weekend voor het eerst weer samen met de vrienden en wat wijn. De eerste spin
werd gillend verwelkomd. Zou iemand
eigenlijk ooit al in een spin of een mug de aanwezigheid van een overledene
gezien hebben? Kan een naaktslak ook een teken zijn?
Een leerlinge vertelde deze week dat ze graag een vlinder
zou hebben als huisdier. Dat ze er zo goed voor zou zorgen. Ook al wist ze dat
vlinders niet lang leven: ze zag geen enkel probleem, want ergens zou wel een
goedkope vlinderverkoper te vinden zijn. Ik wens het haar toe. Een vlinder die
op haar schouder landt en denkt: hier wil ik blijven. En als die dan sterft,
die vlinder blijven zien. In een zoen op
je wang.