Je begint met je handen.
Vingers zonder een doel.
Daarna je armen.
Die omvatten slechts lucht.
Dan die schouders.
Waar leunen die op?
En zelfs dat zal verdwijnen.
Een hart dat slechts bonkt
dat het te laat is.
De buik die al voelt vreten.
Een bekken dat wel wou slaan.
Dijen die trillen.
Knieën die week zijn vandaag.
Vanzelf schoppen de schenen naar binnen.
Enkel en enkel.
Die voeten te stevig.
Geen teen om te staan.
Tenslotte de oren die niet wilden horen.
Het haar dat niet schoof.
Het eeuwig en altijd dat denken.
De neus die vaag rook.
Als voorlaatste de ogen die keken.
De lippen tot slot.
Zo vreet je jezelf
(dat het je spijt
dat het je spijt)
op.
dinsdag 3 augustus 2010
Abonneren op:
Posts (Atom)
TINE ZIET (522): Bruxelles, ma belle
Toen ik mijn vrienden vertelde dat ik deze vakantie op reis zou gaan naar Brussel, kreeg ik een paar vreemde blikken. Ik vertelde erbij dat ...
-
Nu het bekend is, dat ik uit te nodigen ben om te komen meedraaien op de werkvloer, krijg ik natuurlijk aanvragen. Wat de bedoeling is. Zo n...
-
Tany Minoek! liet zich dit weekend onderdompelen in het lentegroen poëziefestival * zaoem * en weet ineens geen klanken meer. Een dik jaar ...
-
Dinsdagavond zat ik met leerlingen in CC Guldenberg in Wevelgem voor de voorstelling ‘Serdi’. Een tweetal weken geleden volgden wij nog een ...