maandag 6 juli 2020
TINE ZIET (226): Afval
dinsdag 30 juni 2020
TINE ZIET (225): Lijn
Sinds woensdag betrap ik mij meer en meer op een
huppelpasje. Zelfs in het openbaar. Kwatongen zouden durven beweren dat dat
komt omdat het bijna zomervakantie is. Dat klopt volgens mijn schoolagenda. Toch
is dat helegaar niet de reden. Integendeel zou ik zelfs durven stellen. Sinds woensdagnamiddag
weet ik dat ik bijna alle leerlingen nog één keer kan zien om ze uit te
zwaaien. Ook al zag ik de meesten heel veel weken achter een of ander
schermpje, kreeg ik ze aan de lijn of fietste langs hun huis voor een
gevelopdracht, het valt moeilijk te beschrijven hoe het voelt om ze toch nog
een keer in het echt te kunnen zien. Hetzij achter een lijn van plakband en
vanachter mijn mondmasker.
Het is bevreemdend hoe die lijn werkt. Er is geen alarm of
elektrisch oog geïnstalleerd, maar die streep werkt heel erg dwingend. Er is een slotgracht van drie meter tussen mij en de leerlingen, terwijl we
gedurende die verschrikkelijke weken net best close geworden zijn. Zij konden
bij mij naar binnenkijken en ik bij hen. Op zich is het vervelend, maar ik zal
er niet om zeuren: ondanks alle technologisch snufjes kan er uiteindelijk toch
weinig tippen aan een ontmoeting in levende lijve.
maandag 22 juni 2020
TINE ZIET (224): Pennenvriendin
Bij het begin van de lockdown verzamelde ik enkele adresjes van mensen die in quarantaine zaten om hen een brief te schrijven. Zo ontving ik het adres van een oma van een vriendin, die haar verjaardagsfeest in het water zag vallen door de ophokmaatregelen. Zo gebeurde het dus dat ik een brief schreef naar een achtentachtigjarige onbekende dame uit Ledegem en dat ik ook nog eens antwoord kreeg. Sindsdien ben ik een fijne pennenvriendin rijker. Ze verrast me regelmatig met kleurig papier, kaartjes en stickertjes. Ikzelf schrijf haar op briefpapier dat ik in huis gehaald heb de laatste dagen dat het nog kon. Als men mij later zal vragen wat de hele covidcrisis me bijgebracht heeft, zal ik hopelijk blijven denken aan deze nederige en heel fijne briefwisseling. Meer nog: ik ben van plan om over enkele weken met bloemen naar haar huis te fietsen want ik ben wel eens benieuwd om te zien hoe mijn nieuwe vriendin eruit ziet. Ik geloof dat er een vriendschap is ontstaan die verder reikt dan dat papier. Ik meen het echt als ik zeg dat ik graag met haar Rummikub zou spelen en rode wijn drinken.
In de loop van al mijn jaren, heb ik al veel
pennenvriendschappen gesloten. Meestal blijven die vriendschappen niet duren.
Dit om verschillende redenen. Zo schreef ik enkele jaren geleden dagelijks een
brief naar bekenden en wildvreemden en bleef contact houden met enkele van die
correspondenten. Uiteindelijk stierf dat uit. Wat moet je blijven schrijven?
Sommige van die pennenvrienden werden Facebookvrienden en toen nam de digitale postduif
het over van de ouderwetse pen. Ze waren ook niet allemaal zonder risico, want
toen een gedetineerde ooit ontsnapte, vond men mijn adres in zijn cel wat me
een huiszoeking opleverde. Sindsdien ben ik misschien toch meer op mijn hoede.
In het geval van Lucette weet ik wel zeker dat het veilig is
om met haar te blijven corresponderen. Ik ken haar kleindochter te goed. Wat ik
zeggen wou: zoiets kleins en oprecht uit deze periode te kunnen vissen: ik
wens het jullie allemaal van harte toe.
maandag 15 juni 2020
TINE ZIET (223): Vakantiegevoel
Deze week had ik
een fotoshoot in Lauwe waarvoor ik zomerse kledij moest aantrekken. Omdat ik
niet zo goed wist wat ik precies moest meenemen, had ik een grote koffer mee vol
outfits. Alsook een tas met enkele zomerhoeden die niet in mijn koffer pasten.
Het voelde als op reis vertrekken. Mijn kat deed chagrijnig toen ze de koffer
beneden zag klaar staan en toen ze me de deur zag dichttrekken, vreesde ze het
ergste. Wist ze veel dat ik een uur later alweer thuis zou staan en alles weer
in de kast op zou bergen. Ook op straat kreeg ik enkele meewarige blikken toen
ik met mijn koffer naar mijn auto stapte. Alsof ik een grote zondaar was die
lak had aan de maatregelen die ons deze zomer massaal thuis zullen houden.
Toen ik een uur
later alweer naar huis mocht met die spullen, kwam ik een hondje en haar baasje
tegen. Het hondje blafte enthousiast en het baasje begon een enthousiast
gesprek met mij over koffers. Dat die toch wel lastig zijn om mee te slepen. In
haar ogen zag ik het verlangen om ook met een valies te kunnen vertrekken. Maar
mijn reisgevoel verdween toen ik weer in mijn auto zat en de terugweg aanvatte.
Op de radio ging het over wiskunde, dus reed ik terecht met opgehaalde neus. Het miezerde
frisjes en ik twijfelde of ik bij een vriend zou aanbellen. Uiteindelijk deed ik
het niet. Een somber gordijn leek me in te palmen. Tot het moment waarop ik
opeens De Plaetse passeerde: het vakantiegevoel kwam eensklaps terug. Het was
iets voor de middag en opeens zag ik ze: de verloren zonen en dochters van elk
centrum: verstokte caféhangers. Buiten keuvelend. Ook binnen zag ik gezellige beweging
naast dat typische zwijgen.
Ik voelde opeens
een warme gloed in mijn lijf. Het was een huppeltje in mijn gemoed hun
enthousiasme te begluren. Ook later die dag zag ik Tevredenheid achter
tafeltjes zitten in Menen. En ook al zal het wellicht nog even duren voordat ik
zelf weer de cafédrang voel, het zomert zacht in mij en er weerklinkt een
voorzichtige mantra: “Alles komt misschien nog goed.”
(verschenen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 12/06/20)
TINE ZIET (222): Huisstijl
De hele tijd binnen zitten heeft blijkbaar tot gevolg dat je
naar muren moet kijken en opeens na jaren gebreken gaat zien. Zo merkte ik
afgelopen weken almaar meer barsten in mijn huis. Of die er al lang zijn, weet
ik niet. Opeens zie ik ze constant, waardoor ik al een paar keer droomde van
instortende huisjes. Voordat jullie je massaal zorgen maken en een geldinzamelactie
op touw zetten: het gaat echt puur om esthetische barstjes. Een reden tot
paniek is er dus nog niet.
Veel kennissen en vrienden hebben van de ophokplicht gebruik
gemaakt om te klussen, te schilderen en nieuw interieur online bij elkaar te
sprokkelen om dan eenmaal de winkels in kwestie open gingen, massaal in de rij
te gaan staan om hun woning een ander jasje aan te meten.
Vandaag zag ik net als veel inwoners dat ook onze stad een opvallende
nieuwe hippere huisstijl kreeg. Die wordt trots gepresenteerd in een kleurige
animatie. Er is een ander logo, veel meer kleuren en een aangepaste slagzin. De
klemtoon wordt niet meer op de grens gelegd, maar op een thuis. De
spectaculaire wijziging hing wellicht al een tijd in de lucht en het heeft waarschijnlijk
niets te maken met de reden waarom de meesten hun woning met een upgrade hebben
aangepast. Ik kan me toch niet voorstellen dat een stadsbestuur in tijden van
crisis op de muren moest kijken. Toch is het frappant dat het net nu gebeurt.
Verandering mag best. Een boost is altijd welkom. Uitstraling
kan altijd positiever. Zeker nu we al twee jaar op rij verkozen werden tot
marginaalste stad van Vlaanderen. En al helemaal in een naderende rare zomer. Maar het zal toch kwaad bloed zetten bij de
mensen die het deze periode lastig hebben, dat net nu ze op extra financiële
steun rekenen van hun stadsbestuur, horen dat het geld van ‘onze’ pot naar
nieuwe vlaggen en briefpapier gaat.
(verschenen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 05/06/20)
zondag 7 juni 2020
Zomerproject 2020: Bubbelhanger
Al weken zitten we in onze bubbel! Ook al klonk dat woord oorspronkelijk best wel sprankelend en gezellig, het bezorgt velen van ons inmiddels een bijzonder slechte nasmaak eens we het uitgesproken hebben.
Heel juli en augustus vermom ik mij als 'bubbelganger'. Dan kom ik op veilige manier op bezoek in jullie bubbel. Bedoeling is dat jullie me een aangename ontdekking verklappen die jullie gedaan hebben gedurende deze periode. Een plekje in jullie woonplaats dat je nooit eerder gezien had, een fantastisch muzikaal nummer dat je een extra boost gaf, een nieuw onverwacht receptje,.... Ik vereeuwig die ontdekking met een tekst tot 'bubbelhanger' zodat die ook na de bubbeltijd kan blijven hangen.
Nodig je bubbel uit, laat ons je ontdekking zien/horen/proeven. Ik breng mijn 'bubbelhanger' ten gehore en we beklinken het samen eventueel met bubbels, als we die inmiddels nog niet helemaal zat zijn.
Mijn mailbox kan je hiernaast aanklikken.
maandag 1 juni 2020
TINE ZIET (221): Getuigen
Het zal jullie
wellicht niet verbazen dat deze dramaqueen ooit deel uitmaakte van een gewaagd
en pittig theatergezelschap: Compagnie de URN uit Waregem. Vandaag herinnerde
ik me een heel bijzonder optreden. Het verlangen naar zeelucht zal daar
misschien voor iets tussenzitten. We mochten met een kleine delegatie naar het
majestueuze Thermae Palace in Oostende. Daar werd ons gevraagd om tijdens een
of ander congres stennis te schoppen. We moesten dus op een gegeven moment in
een lezing luidop beginnen ruzie maken. Ik herinner me dat het een felle
discussie werd met fysiek geweld. We werden met grote ogen aangekeken, want
alleen de spreker en de organisatoren waren op de hoogte van onze opdracht. We
verlieten de zaal en gingen de dijk dan maar samen onveilig maken.
Meer hield onze
bijdrage niet in. Na afloop van de lezing kregen de aanwezigen een blad papier
en moesten zoals bij een getuigenverklaring beschrijven hoe wij er hadden
uitgezien en wie als eerste was begonnen. Wie een klap had uitgedeeld aan wie.
Resultaat was dat iedereen andere dingen had gezien. Dat bijna niemand precies
kon beschrijven wat hij of zij had waargenomen. En dat was natuurlijk de
bedoeling geweest van onze opdracht. Het aantonen van het feit dat we in een
totaal onverwachte situatie de dingen soms anders zien. Dat we door een of
andere kronkel in ons hoofd de beelden verwringen en verschillende kleuren,
personen en interpretaties zien.
Sinds die
gebeurtenis ben ik als de dood voor de dag dat ik in zo’n situatie terechtkom
waarin ik tot in detail moet beschrijven wat ik heb gezien of wat me is
overkomen. Bang dat mijn memorabel geheugen toch niet zo memorabel blijkt. Bang
om fouten te maken en zo totaal verkeerde daders aan te duiden door mijn onbewust
foute beschrijving.
Zo weet ik nog
goed ’s nachts van het strand zo op de dijk en door het restaurant naar onze
reusachtige kamer glipten. Maar wat daartussen is gebeurd? Welke grapjes we die
dag met wie hebben uitgehaald? Vraag het me niet.
(verschenen als column in KW Kortrijk-Menen-Waregem op 29/05/20)
TINE ZIET (542): Fietsschrik
Goede voornemens neem ik liever bij het begin van het schooljaar dan bij het begin van een kalenderjaar. Elk schooljaar wil ik aanvatten met...
-
Dinsdagavond zat ik met leerlingen in CC Guldenberg in Wevelgem voor de voorstelling ‘Serdi’. Een tweetal weken geleden volgden wij nog een ...
-
De plaids zijn weer uit de kast gekomen. Ook de wollen truien. De nylons. Het wordt kouder. Mijn hoofd staat al op de waakvlam, maar ik stel...
-
Een vraag die ik afgelopen dagen een paar keer kreeg was of ik dit jaar geen zomerproject doe. Na meer dan tien jaar knippen, plakken, op ra...
