zaterdag 11 januari 2014
Droom 22:
Zoals verwacht droomde ik over de man uit het postkantoor. Gisteren mankte hij nog naar de uitgang met van alles de helft van zijn gezicht. Eén oor, een oog, een halve neus en mond. Vannacht wachtte ik hem op met huiver. Maar hij zat gewoon op een bankje in de zon met een kopje koffie. Een kat op schoot. Hij aaide even de naad van kruin tot kin, zwaaide en zei: "Het weer en ik: we zijn de kwaadsten nog niet."
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
TINE ZIET (542): Fietsschrik
Goede voornemens neem ik liever bij het begin van het schooljaar dan bij het begin van een kalenderjaar. Elk schooljaar wil ik aanvatten met...
-
Dinsdagavond zat ik met leerlingen in CC Guldenberg in Wevelgem voor de voorstelling ‘Serdi’. Een tweetal weken geleden volgden wij nog een ...
-
De plaids zijn weer uit de kast gekomen. Ook de wollen truien. De nylons. Het wordt kouder. Mijn hoofd staat al op de waakvlam, maar ik stel...
-
Een vraag die ik afgelopen dagen een paar keer kreeg was of ik dit jaar geen zomerproject doe. Na meer dan tien jaar knippen, plakken, op ra...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten