Zonder woord trok ze hem aan:
haar blauwe jurk.
Het begon met lichte blauwe wolken.
Uit die wolk: één druppel regen.
Verdacht omdat de kleur iets anders was.
Toen begon het krassen.
Van her en der verschenen ruwe vegen.
Gumden haar hele borstkas leeg en leger
tot zelfs haar bot erin als stof verdween.
Dan de vrees om nooit meer wat te voelen
De angst om nooit meer dan niets te zijn.
Het verven van haar witte kromme tenen.
Het lakken van haar korte lompe benen.
Het spatten van haar lege plompe lijf.
De jurk werd tot aan haar keel geweven.
Haar hoofd hing bleek te kijk.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
TINE ZIET (536): Bus
Deze zomerdagen probeer ik meer en meer de confrontatie aan te gaan met al mijn persoonlijkheden. Zo heb ik er meer en meer de behoefte aan ...
-
Tany Minoek! liet zich dit weekend onderdompelen in het lentegroen poëziefestival * zaoem * en weet ineens geen klanken meer. Een dik jaar ...
-
Dinsdagavond zat ik met leerlingen in CC Guldenberg in Wevelgem voor de voorstelling ‘Serdi’. Een tweetal weken geleden volgden wij nog een ...
-
Sinds kort bewandel ik een nieuw pad. Ik ga uitvaarten voor in aula’s. Niet als uitdaging maar voor écht. Naast mijn job als juf. Voor sommi...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten