Voor wie dat wil:
Zoek en vind de zee.
Niet in de zomer.
Of dan toch niet overdag.
Wandel tussen de tweetjes en de meer.
Bestijg gerust de zachte vleugels van een meeuw.
Wie naar het einde van zijn blikken reist zal zien
dat hij die op de dijk daar zomaar stapt,
niets meer dan dit en enkelvoudig adem lacht.
Dat wie raapt wat golven blazen, ontiegelijk zwaar en zoutig zweeft.
vrijdag 26 maart 2010
dinsdag 9 maart 2010
Forêt Sans Arrêt
Wanneer de kamer zwijgt, zal alles inktblauw het hoofd inschijnen.
Eén slok wordt een rivier die in elke wortel de wilg laat treuren
tot in de diepste gladde huid van het blad dat straks weer valt.
Het hoeft niet te gebeuren. Het moet niet altijd herfst.
Als er maar ooit iemand op het pad woorden zegt die tot in de kamer groeien.
Als er maar iemand met kleur in deze ruimte blijft die oorverdovend zwijgt.
Het treurt hier bomen als een bos. Wie er toe doet lost langzaam op.
Eén slok wordt een rivier die in elke wortel de wilg laat treuren
tot in de diepste gladde huid van het blad dat straks weer valt.
Het hoeft niet te gebeuren. Het moet niet altijd herfst.
Als er maar ooit iemand op het pad woorden zegt die tot in de kamer groeien.
Als er maar iemand met kleur in deze ruimte blijft die oorverdovend zwijgt.
Het treurt hier bomen als een bos. Wie er toe doet lost langzaam op.
dinsdag 2 maart 2010
PS:
Allerliefste,
Hoe je heet, hoeft niemand anders hier te weten.
En of je leeft, dat is een tweede.
Maar wat ik vragen wou: waar ben je toch gebleven?
Ik begrijp maar al te goed dat je je liever niet laat zien.
Eén paar ogen is genoeg om je uit de voegen te doen groeien.
Dat je niet eens de moeite nam me vanop afstand koel te groeten en dat je zelfs niet in het donker aan mijn huid kwam voelen, vind ik eerlijk gezegd nogal een koude douche. Onprettig zoals dat heet. Vandaar dat ik dus liever breek dan je bij je naam te noemen. Vandaag past er een zak om heen.
En dat je eigenlijk misschien en af en toe wel lief bent, laat ik vanaf dat punt achter mijn zinnen niet meer toe. Weet wel: je mist hierbij de kans om aan het licht te wennen en om meer dan schaamte van mij te kennen. Dat is je recht. Het behoort je toe zoals ik vergeet dat je er even was en naar me keek. Dat we samen gloeiden tot een meer...
Vanaf dit moment ben ik de lafbek in je schoenen.
Je was een niets. Nooit zal iets je nog benoemen.
Zoen!
.
Hoe je heet, hoeft niemand anders hier te weten.
En of je leeft, dat is een tweede.
Maar wat ik vragen wou: waar ben je toch gebleven?
Ik begrijp maar al te goed dat je je liever niet laat zien.
Eén paar ogen is genoeg om je uit de voegen te doen groeien.
Dat je niet eens de moeite nam me vanop afstand koel te groeten en dat je zelfs niet in het donker aan mijn huid kwam voelen, vind ik eerlijk gezegd nogal een koude douche. Onprettig zoals dat heet. Vandaar dat ik dus liever breek dan je bij je naam te noemen. Vandaag past er een zak om heen.
En dat je eigenlijk misschien en af en toe wel lief bent, laat ik vanaf dat punt achter mijn zinnen niet meer toe. Weet wel: je mist hierbij de kans om aan het licht te wennen en om meer dan schaamte van mij te kennen. Dat is je recht. Het behoort je toe zoals ik vergeet dat je er even was en naar me keek. Dat we samen gloeiden tot een meer...
Vanaf dit moment ben ik de lafbek in je schoenen.
Je was een niets. Nooit zal iets je nog benoemen.
Zoen!
.
Abonneren op:
Posts (Atom)
TINE ZIET (465): Hertjes
Zondag wandelde ik met een vriend in het Preshoekbos. We lieten onze gedachten uit. We waren er niet alleen. Er kwam ons een koppel tegemoet...
-
Laten we het eens over de olifant in de kamer hebben. Ja, ik weeg teveel. Dat er in mijn medisch dossier 'obees' staat, dat ik daard...
-
Afgelopen week vertoefde ik in mijn eentje in Krakau. Hier een eerlijk reisverslag. waarin natuurlijk niet tot in alle details zal worden g...
-
Het ziet er niet rooskleurig uit voor mij. Ook dit jaar heeft Cupido niet op mij geschoten. Alhoewel ik zaterdag tijdens het Lerarenconcert ...